Project 6

Studie van de invloed van epigenetische regelmechanismen op de ontwikkeling en progressie van het inflammatoire borstcarcinoom

Er is aangetoond dat het inflammatoire borstcarcinoom (IBC) gekenmerkt wordt door een specifiek genexpressieprofiel. De invloed van epigenetische sturingsmechanismen op dit karakteristiek genexpressiepatroon zijn door onze groep in kaart gebracht. Als belangrijkste bevindingen kan gesteld worden dat IBC niet gekenmerkt wordt door een globaal verschil in miRNA expressie noch door een globaal verschil in methylering van CpG-sites. Er is echter wel aangetoond dat AGO2 (het katalytisch onderdeel van RISC) mRNA sterk verhoogd tot expressie komt bij IBC in vergelijking met non-IBC. Deze resultaten suggereren dat het modulerende effect van miRNAs op het genexpressieprofiel meer uitgesproken is bij IBC, wat gestaafd kan worden door middel van een vergelijkende studie van de expressie van miRNA-doelwitgenen tussen IBC en non-IBC. Voor het methyleringsprofiel kan tevens opgemerkt worden dat de differentieel gemethyleerde CpG-sites frequenter gehypermethyleerd zijn bij IBC. Eveneens zijn er aanwijzingen voor het frequenter voorkomen van een “CpG-Island Methylator” (CIM)-fenotype bij IBC (verhoogde DNMT3B expressie en verlaagde miRNA-29 expressie). Borsttumoren met een CIM fenotype vertonen karakteristieke moleculaire alteraties zoals activering van de Wnt- en cytokine-gemedieerde signaalwegen.

Dit onderzoeksproject bouwt verder op voorgaande bevindingen. De rol van AGO2 en DNMT3B met betrekking tot de modulering van genexpressie bij IBC wordt nader onderzocht, gebruik makend van experimenten waarbij AGO2 en DNMT3B uitgeschakeld worden in zowel IBC als non-IBC cellijnen. De biologische implicaties (genexpressieprofiel, proliferatieve en migratoire eigenschappen,…) zullen bestudeerd worden. Een tweede luik richt zich op een globale studie van epigenetische sturingsmechanismen bij IBC. Hiervoor zal gebruik gemaakt worden van de “Deep-Sequencing” technologie. Deze technologie stelt ons in staat om CpG-site methylering, histonmodificaties en expressie van verschillende RNA-moleculen (mRNA, miRNA, ncRNA) te bestuderen in éénzelfde monster. Specifieke aandacht zal besteed worden aan histon 3 lysine 27 trimethylering, welke veroorzaakt wordt door het EZH2-EED-complex. Dit complex speelt een belangrijke rol in het ontstaan van hormoononafhankelijke borsttumoren alsook het ontstaan van resistentie tegen hormonale behandeling. Dit laatste aspect is een kenmerk voor IBC-patiënten met ER+ borsttumorcellen, welke bijna allen weerstandig zijn aan hormonale therapie. Op deze manier zal getracht worden de mechanismen van ontstaan van resistentie aan hormonale behandeling te ontcijferen.